Keet Oldenbeuving - begon op haar 7e met skaten

Met haar bijna zestien jaar is de Utrechtse Keet Oldenbeuving met recht een bijzonder sporttalent te noemen. Al op jonge leeftijd ontdekte zij de pracht én fun van het skateboarden. Nu, nog geen tien jaar later, staat Keet – nog altijd even relaxed – met alle vier haar wielen stevig in de (inter)nationale skatescene.

Jong geleerd

Op haar zevende ontdekte Keet de oude skateboards van haar vader en ging er enthousiast mee op pad. “De boards waren wel een beetje oud en ook te groot voor mij, maar ik vond het zo leuk dat ik gelijk voor mijn eigen board ben gaan sparen.” Af en toe ging ze met haar vader er op uit en probeerden ze wat trucjes. Omdat veel van haar vrienden ook skateboardden, ging ze meer en meer  skaten en is ze uiteindelijk op skateles gegaan. Hoe beter ze werd, hoe leuker ze de sport vond.
Keet was altijd veel te vinden in het skatepark. Daar werd ze geïnspireerd door de andere skaters. “Je ziet iedereen - ook beginners - gewoon allerlei dingen proberen en je kan elkaar helpen. Iedereen is blij voor je als je goed bent geland of een truc is gelukt. Ik vind het leuker om op deze manier van anderen te leren dan tutorials te kijken op YouTube.” Als kind nam ze haar skateboard overal mee naartoe en dat doet ze nog steeds. “Het liefst was ik elke dag in het skatepark, dat is eigenlijk nog steeds wel zo. Ik ging liever lekker oefenen in het park dan bijvoorbeeld naar voetbaltraining,” lacht ze.

Toen Keet negen jaar oud was reed ze haar eerste grote wedstrijd; het Nationale Kampioenschap,  waar ze derde werd bij de jongens onder de tien jaar. Dat ging haar verrassend goed af! Al snel ging ze naar Parijs en deed ze mee aan de Worldcup, waar ze het op nam tegen vrouwen van alle leeftijden. Hier eindigde de negenjarige op de zesde plek. “Toen dat gebeurde dacht ik ‘ah, dat kan wel wat worden!’”. Ze ging van de ene wedstrijd naar de andere. Toen ze tien was trok ze de aandacht van haar huidige trainer Ruud Broer, die haar hielp, en nog steeds helpt met haar verdere ontwikkeling.

Op rolletjes

Keet is helemaal in haar element op vier wielen. “Ik vind skateboarden erg tof, omdat het heel vrij is. Je kan zelf weten wat je gaat doen en wanneer je het gaat doen.” Ze traint niet specifiek voor een bepaald doel, ook niet nu skateboarden sinds dit jaar een olympische sport is geworden. “Voor mij gaat het om lol maken en mezelf te verbeteren. Gewoon, omdat ik dat zelf leuk vind.” Zoals je ziet: op topniveau sporten kan ook gewoon heel relaxt zijn! Ook vindt Keet de skatecultuur erg fijn. Zo juichen de skaters niet alleen voor hun eigen team, maar ook voor andere teams als zij een truc perfect hebben uitgevoerd. “Of je nou uit Brazilië komt, of Nederland of Amerika. Het maakt niet uit waarvandaan; iedereen weet hoeveel tijd en moeite er in zo’n truc zit en daarom zijn we gewoon blij voor elkaar als iets lukt.”

Keet skate zowel graag indoor als buiten in grote skateparken, waar Utrecht er veel van heeft. Ook kan je haar wel eens spotten op de nieuwe skatebaan op het Jaarbeursplein. “Het is een toffe plek met leuke obstakels. Ook de ligging dicht bij het centraal station is ideaal voor iedereen, waar je ook vandaan komt.” Vooral ten tijde van corona was ze hier vaak te vinden, omdat dit zo’n beetje de enige baan is die nog toegankelijk was. Keet vindt de locatie zo midden in de stad dan ook een goede  plek voor een skatebaan. Skaten is volgens Keet echt een urban sport. “Je kunt het overal doen, niet alleen in een skatepark, maar ook cruisend door de stad of langs de grachten en het Amsterdam-Rijnkanaal waar nu strak asfalt ligt. Gewoon lekker hard rijden door de straten, muziek luisteren en je hoofd leegmaken.” En dat maakt Utrecht voor Keet zo’n fijne sportieve stad.